donderdag 14 juli 2016

In het artikel 'Referenda zijn in strijd met de democratie' van Ton Zwaan uit de Volkskrant van 13 juli 2016 zijn de belangrijkste argumenten voor zijn betoog gestoeld op een aantal drogredenaties.

Ik zal de door mij gevonden en geanalyseerde drogredenen hieronder zo helder mogelijk uit de doeken doen.
Wanneer u nog meer drogredenen in het stuk vindt, schroom niet om contact op te nemen.

Drogreden I;

'Mede daarom horen referenda, die voorts fundamenteel in tegenspraak zijn met alle beginselen van parlementaire democratie, niet thuis in dergelijke stelsels.'

Het 'mede daardoor' refereert aan hetgeen de auteur hiervoor zei:

'Nu zijn leugen en bedrog in de politiek uiteraard niet beperkt tot dictaturen, ze komen ook voor in parlementair democratische stelsels (...)'.

Aldus resumerend:

Volgens de auteur horen referenda niet thuis in een parlementaire democratie, want er komen leugens en bedrog in een parlementaire democratrie voor.
Dit is een drogreden van een verkeerde oorzaak-gevolgrelatie. 
Een van de uitwassen van een democratie, of uberhaubt een plek waar mensen samenleven, is dat erbinnen leugens kunnen bestaan en het is vrij aannemelijk dat deze ook binnen een parlementaire democratie bestaan. Dat ontkennen zou niet realistisch zijn.
Door dat probleem aan te stippen doet de auteur echter alsof deze onuitroeibare uitwas van een stelsel waarbij mensen samenleven de óórzaak is van de reden dat referenda niet zouden werken.
Terwijl hij dit argument niet opwerpt als reden waarom een parlementaire democratie níet zou kunnen werken.
Daarnaast maakt hij niet duidelijk waarom de kennelijk onvermijdelijke leugens en bedrog die ontstaan waar mensen samenleven, níet zodanig in de weg staan dat een parlementaire democratie niet zou kunnen werken, maar wél in de weg staat om referenda te kunnen laten werken.

Oftewel, hij wijst een oorzaak aan die slechts het gevolg is van het feit dat er mensen samenleven, niet van referenda.

Als hij echt aannemelijk zou willen maken dat referenda niet zouden werken vanwege leugens en bedrog, dan zou hij met sterke concrete voorbeelden moeten komen.
Dit doet hij echter niet.
Het enige voorbeeld waar hij mee komt, is het voorbeeld van de initiafnemers van het Oekraine-referendum, die volgens hem 'onder valse voorwendselen' het referendum op de kaart hebben gezet, en 'het volk' op een leugenachtige manier in de val zouden hebben gelokt.
Dit is echter een louter subjectieve benadering die niet of nauwelijks met feiten kan worden ondersteund.
De argumenten die hij aanhaalt om de leugenachtigheid van de referendum-inititiefnemers naar voren te brengen, is dat zij - volgens hem - bestaan uit zowel een 'pseudo-intellectueel' (hij bedoelt hiermee of Baudet of  historicus Arjan van Dixhoorn, voorzitter van het burgercomité) een 'namaakjournalist' (Jan Roos of Bart Nijman van Geen Stijl) en 'neppolitici' (Wilders, vermoed ik. Want die heeft het referendum openlijk gesteund).
Of deze hiervoor genoemde personen daadwerkelijk pseudo-intellectuelen zijn en/of namaakjounalisten, lijkt mij een persoonlijke opvatting en geen vaststaand feit.

Bovendien is het bij persoonlijke opvattingen op basis van de wetten van de redelijkheid wel zo beschaafd om even te controleren of deze opvattingen ook enige vorm van juistheid omvat met betrekking tot de werkelijkheid.
Je kunt het met de door auteur genoemde 'pseudo-intellectueel' zo oneens zijn als de pest, feit is dat mijnheer wel meerdere universitaire studies heeft afgerond, boeken geschreven met een intellectuele inhoud en in het verleden hoogleraar is geweest.
Niet dat dit alles zegt; auteur is immers ook onderzoeker aan de universiteit (grapje) - maar het zegt in ieder geval dat de persoon waarover het gaat over de kennis en scholing heeft gehad. Deze kennis en scholing zouden inderdaad niet per se tot intellectuele vermogens hoeven leiden, maar feit is dat de kennis en scholing wel écht is, en niet nep.
In die zin is het woord 'nep' in de ad hominem van de auteur op zijn minst 'aan twijfel onderhevig' te noemen.
 

Drogreden II;

'Zoals een van de initiatiefnemers zich liet ontvallen, was het referendum eigenlijk bedoeld als 'een leuk dingetje voor de zomer' en enkele weken voor de stemming werd doodleuk verklaard dat Oekraïne de initiatiefnemers 'niets kon schelen'.'


 http://www.nrc.nl/nieuws/2016/03/31/oekraine-kan-ons-niets-schelen-1606419-a969298

In deze oneigenlijke vorm van redeneren wordt er een grap uit zijn verband gerukt. De grap houdt in dat het referendum 'een leuk dingetje voor de zomer' werd genoemd door Bart Nijman van Geen Stijl.
Het feit dat dit een grap was, wordt duidelijk geillustreerd door het feit dat Nijman dit lachend vertelde in.....
Ook wordt het feit dat dit een grap was versterkt door het feit dat men niet zomaar een referendum kan laten uitvoeren in Nederland. Daar zijn eerst 10.000 handtekeningen (inleidend verzoek) en daarna 300.000 handtekeningen voor nodig (dat werd ervaren als een 'enorme drempel', volgens initiafnemer Burgercomitee Arjan van Dixhoorn: 'Zonder die app, waar ze in Den Haag geen rekening mee hebben gehouden, was dat nooit gelukt.'), publieke invloed (in dit geval gegenereerd door Geen Stijl) en een krachtig en helder betoog, ondersteund met argumenten.

'Dat leuke zomerdingetje, een initiatief van het Burgercomité EU, leek een onhaalbaar plan. Het kreeg pas vleugels toen enkele it-specialisten zich meldden bij GeenStijl en voorstelden een app te bouwen waarmee mensen digitaal hun handtekening konden zetten. Eind september hadden meer dan 450.000 Nederlanders dat gedaan. En zo gaan miljoenen kiesgerechtigden volgende week woensdag naar de stembus.'

 Eerst hebben we twee jaar gewacht op de nieuwe referendumwet die vorig jaar zomer van kracht werd.


De auteur zou ter verdediging nog kunnen aanvoeren dat 'iedere grap een kern van waarheid bevat'. Dat zou een aardig argument kunnen zijn, ware het niet dat het voor de buitenstaander moeilijk te bepalen is welk gedeelte van de grap waarheid bevat en welke niet.
Bovendien kunnen er ook meerdere waarheden naast elkaar bestaan, bijvoorbeeld dat het referendum voor de initiafnemers zowel een 'leuk dingetje voor de zomer' als een serieus project was om de (vaak nauwelijks transparante) beslissingen die binnen de EU genomen worden, aan de kaak te stellen.
Het feit dat de heer Baudet in zijn boek 'Oikofobie' in meerdere hoofdstukken uiteenzet waarom de EU volgens hem niet werkt - omdat het volgens hem o.a. niet soeverein (hey, dat is toevallig!) en daarom ondemocratisch  is - onderstreept het hiervoor genoemde argument dat het Oekraine-referendum wel degelijk een serieus project betreft.
En bovenstaand citaat van een citaat dus als een grap kan worden opgevat.

Een grap die een zekere kern van waarheid bevat, wellicht, maar waarover een buitenstaander niet over genoeg kennis kennis beschikt om de waarheid van de grap te kunnen onderscheiden.
Voor die kennis zou men namelijk in het hoofd van de betreffende grappenmaker moeten kijken, en ik heb niet de indruk dat de hedendaagse wetenschap al zover is.


Drogreden III;

'Dat bleek het ware motief: zand in de machine ten bate van anti-Europa-agitatie. De kwade trouw ten voeten uit. Dat ontging overigens het leeuwendeel van de kiesgerechtigden niet: meer dan tweederde (68 procent) gaf er de voorkeur aan geen stem uit te brengen bij het referendum.'

Auteur Ton Zwaan geeft in dit citaat aan dat de intiatiefnemers van het Oekriane-referendum 'ter kwader trouw' waren en stelt dat dit 'het leeuwendeel van de kiesgerechtigden' niet is ontgaan.
Tweederde van de kiesgerechtigden gaf er namelijk de voorkeur aan om geen stem uit te brengen.
Het feit dat 68% van de kiesgerechtigden niet heeft gestemd, kan misschien wel kloppen, maar het is onjuist om een aanname te doen op basis van dit feit.
Dat tweederde van de kiesgerechtigden niet is komen opdagen is namelijk niet per definitie hetzlefde als het vermeende doorhebben dat de intitaiefnemers van het referendum te wkader trouw waren.
Het is namelijk - voor zover ik weet - niet bewezen dat dit daadwerkelijk de reden is van het thuisblijven van deze kiezers.  Zoals bekend en aangetoond is namelijk zelfs regen soms al een reden om de kiesgerechtigde te weerhouden zijn democratische plicht te vervullen.
Ergo; zo zouden er weleens meerdere, of andere redenen ten grondslag kunnen liggen aan het feit dat de opkomst niet bepaald hoog te noemen.
Ook zou dit argument, de lage opkomst, als een argument voor de tegenpartij kunnen functioneren; namelijk dat hieruit blijkt dat de democratie juist vanwege het machtsvacuum van de EU niet meer goed functioneert, men daarom niet meer gelooft in de democratie, en dus haar democratische plicht verzaakt.
Zou de tegenpartij zich echter zonder feitelijkheden van dit argument voorzien, dan zouden ook zij zich bedienen van aannames.
Oftewel; zonder dat er daadwerkelijk onderzoek is geweest naar het 'waarom' van het verzaken van de democratische plicht van een groot deel van de kiesgerechtigden, vallen er geen conclusies te trekken.
Ook als er wel daadwerkelijk een (gedegen) onderzoek zou bestaan waaruit zou blijken dat één van beide hiervoor genoemde aannames klopt, dan nog zou de auteur dit voor de volledigheid hebben moeten vermelden in het artikel (tenzij het een in de pers breed uitgemeten onderzoeksreultaat zou zijn geweest waar hij aan refereerde).

Drogreden IV;

'Daarmee is ook gekozen voor isolationisme, nationalisme en achterlijkheid.'

Met deze zin refereert de auteur aan zijn eerdere zin over het eveneens raadgevende referendum in Groot-Brittanie over het vertrek uit de EU.

Laten we beginnen bij het eerste doemscenario dat de auteur hier schetst; isolationisme.
Omdat het hier een doemscenario betreft, kunnen wij stellen dat de auteur een uitgesproken negatieve betekenis probeert te ontlenen aan deze term.
Het is echter niet per definitie gezegd dat isolatinisme daadwerkelijk in alle gevallen iets is dat negatief uitpakt; het zou net zo goed vóór een land kunnen werken als tegen.
Het kan namelijk goed dienen als beschermingsmechanisem (Tibet verklaarde zich in 1913 met het Verdrag van Urga eenzijdig van China onafhankelijk en isoleerde zich om hun eigen theocratisch Tibetaans boeddhistische staatsvorm in stand te kunnen houden); en dit kan voor een land juist goed uitpakken, kijk maar hoe goed Zwitserland zich redt buiten de EU om.

Als de auteur met zijn term 'isolationisme' bedoelde dat Groot-Brittanie zich in economisch verval zou storten door uit de EU te treden, dan is dat ook een onjuiste argumentatie.
Het is immers in de Westerse geschiedenis nog niet voorgekomen dat een grote mogendheid als Groto-Brittanie zich losmaakte van iets dat 'EU' heet. En het is ook nog niet voorgekomen dat iets als de EU uberhaubt bestond. Bovendien is de economische situatie van nu en van het verleden al snel onvergelijkbaar, omdat er daarin teveel veranderingen in te korte tijd hebben plaatsgevonden.

Het zou ook kunnen dat de auteur zich in deze beroept op zijn 'toekomstvisie'. Het is echter hitorisch gezien gebleken dat slechts weinig mensen daadwerkelijk in staat zijn om in de toekomst te kijken, en het daarbij ook nog eens bij het rechte eind te hebben.
Of de auteur moet een heilig geloof hebben in waarzeggerij of helderziendheid, maar iets zegt mij dat iemand die werkzaam is in de academische wereld hier niet erg vatbaar voor is. Noch geeft de auteur op enigerlei wijze aan ooit voorspellingen bij het rechte eind te hebben gehad of doet hij een beroep op het hebben van een bijzonder gave, zoals bijvoorbeeld: helderziendheid.
Daaruit kunnen wij concluderen dat slechts de toekomst zal uitwijzen of deze auteur gelijk heeft, en het te voorbarig is om te stellen dat hij dit gelijk per definitie aan zijn kant heeft staan.
Daarnaast is het ook nogal opmerkelijk te noemen dat de auteur zijn doemscenario's schetst alsof het voldongen feiten zijn, zonder enige voorzichtigheid te betrachten omtrent iets dat hij nauwelijks zeker kan weten.

Dan het volgende doemscenario: 'nationalisme'.
Het is inderdaad nogal verleidelijk om te denken dat mensen die tegen de EU zijn, per definitie nationalistisch zijn ingesteld. Ook is het nogal verleidelijk om te denken dat nationalisme per definitie iets is waar alleen narigheid van kan komen.
Ten eerste is het niet per definitie zo dat wanneer men nationalistisch is, men het slecht voor heeft met wie dan ook. Nationalsime is strikt genomen slechts de overtuiging dat men bij een bepaald geografisch grondgebied, het eigen land, hoort en daar de voorkeur voor hebben.
Nationalisme is dus niet per definitie nationaal-socialisme, waar de nazi's een voorliefde voor hadden. Net zoals feminisme niet hetzelfde is als mannen haten.

Het derde doemscenario: achterlijkheid.
Het doemscenario schetsen van achterlijkheid dat zich in de toekomst zal manifesteren, zou veronderstellen dat er zich momenteel nog géén achterlijkheid manifesteert in de samenleving; hetgeen niet het geval is.
Het bewijs hiervan kunt u dagelijks om u heen zien in de vorm van hooliganisme, het verzaken van 's mans democratische plicht omdat het regent, of het uit het raam gooien van de inhoud van de asbak van een auto.
Het is dus niet zo dat de toekomst per definitie het alleenrecht heeft op de achterlijkheid; integendeel. Achterlijkheid is van alle tijden, en als de auteur zou willen betogen dat de achterlijkheid door uit de EU treden zou worden vergroot, zou hij toch echt met betere argumenten en/of concretere voorbeelden moeten komen waaruit zal blijken dat die achterlijkheid wordt vergroot door uit de EU stappen.
Als de auteur meende dat de algehele achterlijkheid van de mensheid wordt vergroot als een land uit de EU stapt omdat deze ontwikkeling in gang is gezet door  - in zijn ogen - lieden die wilsonbekwaam zijn of op een andere manier niet deugdelijk geacht worden, dan zou ook dat een drogredenatie zijn.
Want het is niet per definitie zo dat mensen die achterlijk zijn of te weinig intellectuele vermogens hebben volgens de auteur, per definitie dingen in gang zetten die niet functioneren.
Degenen die de eerste stap hebben gezet tot het ontwikkelen van nieuwe uitvindingen, projecten of andere stappen in de geschiedenis van de mensheid, waren ook niet per definitie hoog ontwikkeld,  intellectueel-gedreven of vervuld van ethisch gedachtegoed.
Oftewel, als de initiafenemers van het Oekraine-referendum daadwerkelijk ahcterlijk zijn, dan is het niet meteen egzegd dat hetgeen dat uit het referendum volgt ook per definitie tot achterlijkheid van een heel land of een hele bevolking zou leiden.
Het is integendeel juist een feit dat men binnen Westerse bevolkingsgroepen steeds hoger opgeleid raakt, en van het hebben genoten van opleiding wordt over het algemeen gesteld dat men er minder achterlijk, danwel wijzer van zou worden.
Ik zeg niet dat dit per definitie zo is, overigens.

Drogreden V; 

'Bijna zeventienenhalf miljoen kiezers - ook in dit geval een feitelijke minderheid van iets meer dan één op de drie kiesgerechtigden - hebben regering en parlement, die in meerderheid voor 'blijven' waren, en het land als geheel in een ernstige politieke, economische en constitutionele crisis gestort.'

Dit is een foutieve voorstelling van zaken; eerder in het artikel stelde de auteur dat de opkomst bij het Nederlandse referendum minder dan een derde was, en de proteststemmers uit één vijfde van de kiesgerechtigden bestond.
Nu stelt hij dat 'iets meer dan een op de drie' in Groot-Brittanie tijdens het EU-referendum voor een 'proteststem' (dus tegen de EU) stemde.
Volgens mij is 'iets meer dan een op de drie' niet hetzelfde als een op de vijf, en valt daar dus niet uit op te maken.
Daarnaast is de opkomsthoeveelheid van beide referenda gewoon gehaald, en hebben wij met zijn allen afgesproken dat het referendum dan mag gelden als raadgevend.
Als de auteur dit niet gerechtigd vind omdat een relatief lage opkomst hierdoor toch nog tot een voor hem ongewensde uitkomst leidt, dan zou hij zich moeten beklagen of de wet -en regelgeving hieromtrent en de 'fouten' in dit systeem moeten aankaarten.
Dit doet hij echter niet, en de foutieve voorstelling van zaken die hij wel aankaart werkt ook niet echt in het voordeel van zijn betoog.

Drogreden VI;

 'Wat dus gaat neerkomen op de 'nieuwe achterlijkheid' en de 'nieuwe armoede'.'

Ook weer zo'n argument dat je telkens weer tegenkomt bij EU-aanhangers.
We zouden ons per definitie in het (grote, onberekenbare) verderf storten als we uit de EU zouden treden, en het is volkomen duidleijk dat dit in de toekomst ook met Groot-Brittanie gata gebeuren.
Terwijl zelfs gerenommeerde economen er moeite mee hebben om economische voorspellingen te doen over de (economische) toekomst van een land dat uit de EU treedt, weten allesweters per definitie al dat het betreffende land zich in het onheil stort.
Dit wordt dan zogenaamd ondersteund door feiten over hoe het met de economie van GB was gesteld vlak na de uitkomst van het referendum; paniek op de beurzen, kelderende aandelen, etc.
Maar zelfs de economen hebben de economische crisis van de afgelopen jaren niet kunnen voorspellen, hoe kan een niet-econoom dan wel weten hoe het er in de toekomst ecnomisch aan toe zal gaan in een land dat zich los heeft gemaakt van de EU?
Daarnaast gaat het niet per se slecht met alle Europese landen die niet lid zijn van de EU, bijvoorbeeld Zwitserland en Noorwegen.
Daarnaast was GB ook vooor de toetreding tot de EU een handelsnatie, werden er tussen EU-landen voor de EU ook handelsverdragen gesloten en is het niet gezegd dat dit in de toekomst niet weer zal gebeuren.
Oftewel, het is helemaal niet gezegd dat er meer armoede of achterlijkheid zal ontstaan wanneer een aldn uti de EU treedt. Sterker nog, de vershcillen tussen arm -en rijk zijn dankzij de EU juist vergroot, en dat is wél feitelijk aangetoond.
Dus waarom kijkt de auteur daar niet naar?

Drogreden VII;

 'Ze zijn geen waardevolle toevoeging aan het democratisch instrumentarium, maar een vorm van volksverlakkerij die aanzet tot leugen, bedrog en manipulatie en uiterst bedenkelijke gevolgen kan hebben.'









    


















Geen opmerkingen:

Een reactie posten